zaterdag 4 maart 2017

Oproep aan de politiek: doe weer aan kunstenaarsbeleid


Het is hard nodig dat de politiek in Nederland weer aan kunstenaars-beleid gaat doen. Vorig jaar bleek uit een arbeidsmarktverkenning van SER en Raad voor Cultuur dat de creatieven zwaar zijn geraakt door de crisis. Vaste banen verdwenen, inkomsten daalden en het aantal zelfstandigen steeg fors. Zo’n 60% van alle kunstenaars werkt tegenwoordig als zelfstandige, daarbij vaak meerdere kleine banen combinerend. WW- en bijstandsuitkeringen komen onder kunstenaars aanzienlijk vaker voor dan onder de gehele beroepsbevolking. Alle reden om hiervan een politiek speerpunt te maken. Een nieuw kabinet kan echt iets doen.

Een tijdelijk basisinkomen voor creatieven

De politieke partijen zijn het momenteel over weinig met elkaar eens, maar wel over een ding: het is cruciaal om de innovatiekracht van Nederland te versterken. Om innovatie en ondernemerschap te bevorderen zou het een goed idee zijn een proeftuin in te richten voor het basisinkomen dat wel wordt bepleit: maak een regeling voor vijf jaar die geldt voor startende creatieven. Tenslotte worden er in Nederland door NOC*NSF meer dan 400 stipendia toegekend aan sporters: zou het dan niet logisch zijn om ook de kunstenaars gericht te ondersteunen?

Om direct als ondernemer te kunnen starten hebben kunstenaars soms hulp nodig. Het begin gaat namelijk met vallen en opstaan, niet iedereen heeft direct een volledig renderende beroepspraktijk. De overheid kan creatieve starters die nog onvoldoende verdienen helpen door hen een keuze te bieden: ofwel je volgt de weg van de ‘normale’ bijstand, je krijgt een uitkering op het sociaal minimum en je moet solliciteren. Ofwel je volgt vijf jaar lang de weg van het basisinkomen en je gaat op weg naar creatief ondernemerschap.

Het basisinkomen voor creatieven kan op ca. 70% van de bijstandsuitkering worden gelegd. Dat is lager dan het sociaal minimum, maar de regeling heeft voor de startende ondernemer twee voordelen: met het basisinkomen hoeft hij niet te solliciteren en bovendien mag het inkomen met eigen inkomsten worden aangevuld. 

Als ondernemer aan de slag

Veel creatieven willen van meet af aan als ondernemer aan het werk. Ze hebben basiswaarden waarmee zij zich onderscheiden van anderen. Zo hebben creatieve werkers een sterke voorkeur voor een lossere leefstijl: zij conformeren zich niet graag aan werkgevers of instituten. Daarnaast waarderen creatieven de inhoud van hun werk erg. Hard werken leidt tot resultaat is hun overtuiging en dat resultaat manifesteert zich vooral in persoonlijke ontwikkeling en afwisselend werk en niet (alleen) in financiële termen.

Het mooie van deze benadering is dat de groep ‘creatieven’ eigenlijk niet eens gedefinieerd hoeft te worden. Zij definieert zichzelf. Immers; bijna niemand kiest aan het begin van zijn loopbaan vrijwillig voor 70% van het sociaal minimum als hij niet het perspectief denkt te hebben op een succesvolle zelfstandige (creatieve) beroepspraktijk. Het vijfjarig basisinkomen kan een rol hebben voor personen met een erkende kunstopleiding (beeldend kunstenaars, fotografen, componisten, dansers, musici, acteurs, ontwerpers e.d.), maar ook eventueel voor creatieve beroepsgroepen als softwareontwikkelaars, reclamemakers, redacteurs, analisten en trendwatchers. Zij zijn namelijk vaak ook op te vatten als creatieve makers, al hebben ze geen kunstacademie gevolgd. 

Evaluatie na vijf jaar

De politieke partijen willen dat Nederland en Europa transformeren tot de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld. Welnu: het middel om dit te stimuleren ligt binnen handbereik. Ik pleit voor een experiment van vijf jaar, met vooraf gedefinieerd succesfactoren op basis waarvan de politiek na afloop kan beslissen of het is geslaagd.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten